ECLI:NL:CRVB:2009:BI6851
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks betwisting medische beperkingen
Appellante stelde in hoger beroep dat haar medische situatie onveranderd was en dat de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) de beperkingen niet juist weergaf. Het Uwv had het arbeidsongeschiktheidspercentage herzien van 80-100% naar 55-65% per 20 september 2005.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het eerste besluit niet-ontvankelijk en het beroep tegen het tweede besluit ongegrond, waarbij werd geoordeeld dat de medische gegevens geen aanleiding gaven om te twijfelen aan de FML en dat de functies medisch geschikt waren.
In hoger beroep herhaalde appellante haar standpunten, maar leverde geen nieuwe medische gegevens die de FML ondermijnden. De Raad concludeerde dat het verschil van mening tussen de GZ-psycholoog en de bezwaarverzekeringsarts onvoldoende was om de FML te verwerpen en bevestigde dat de functies geschikt waren.
De Raad zag geen reden om artikel 8:75 Awb Pro toe te passen en bevestigde de uitspraak van de rechtbank, waarmee het hoger beroep werd verworpen.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt verworpen en de herziening van de WAO-uitkering bevestigd.