ECLI:NL:CRVB:2009:BI7032
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- K.J. Kraan
- R.R. Winter
- Rechtspraak.nl
Bevestiging onvoorwaardelijk disciplinair ontslag wegens herhaald plichtsverzuim en beschonkenheid op het werk
Appellant was werkzaam als toezichthouder bij de dienst Stadstoezicht en kreeg meerdere disciplinaire maatregelen wegens te laat komen, slapen tijdens werk en beschonkenheid onder werktijd. Op 28 juli 2005 werd hij door een huismeester en zijn leidinggevende betrapt op het werk onder invloed van alcohol, waarna hij naar huis werd gestuurd en gewaarschuwd voor consequenties.
Na twee mislukte pogingen tot hoorzitting werd appellant bij brief geïnformeerd over het voornemen tot onvoorwaardelijk ontslag, dat door het college werd bevestigd in januari 2006 en gehandhaafd na bezwaar. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond.
In hoger beroep betwistte appellant het bewijs en het tijdsverloop tussen het incident en het ontslagbesluit. De Raad oordeelde dat het bewijs, waaronder verklaringen van collega’s en de leidinggevende, overtuigend was en dat het tijdsverloop niet te lang was gezien de eerdere waarschuwingen en kennisgeving van het voornemen tot ontslag.
De Raad vond het ontslag passend vanwege het herhaald plichtsverzuim en de toezichthoudende functie van appellant, kwalificerend als ernstig. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Het onvoorwaardelijk disciplinair ontslag van appellant wordt bevestigd wegens ernstig herhaald plichtsverzuim en beschonkenheid op het werk.