ECLI:NL:CRVB:2009:BI9940
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- R. Kooper
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing bijstandsuitkering wegens onjuiste motivering en toekenning bijstand
Appellant diende op 8 maart 2002 een aanvraag in voor een bijstandsuitkering, waarbij hij zijn officiële woonadres en verblijfadres opgaf. Het College wees de aanvraag af wegens vermeende onvolledige en onjuiste informatie over zijn woonsituatie en verblijf in het buitenland. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
In hoger beroep oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat appellant zijn officiële woonadres correct heeft opgegeven en dat hij zijn verblijfadres op een geloofwaardige wijze heeft toegelicht. De Raad constateert dat appellant niet onjuiste of onvolledige inlichtingen heeft verstrekt over zijn woonsituatie en dat het College onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de aanvraag werd afgewezen.
Hoewel appellant zijn inlichtingenverplichting heeft geschonden door niet vooraf te melden wanneer hij naar het buitenland reisde, acht de Raad dit niet voldoende om het recht op bijstand te ontzeggen. De Raad vernietigt het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, herroept het primaire besluit van 10 december 2003 en kent appellant bijstand toe vanaf de datum van aanvraag. Tevens veroordeelt de Raad het College tot vergoeding van bezwaar- en proceskosten.
Uitkomst: De afwijzing van de bijstandsuitkering wordt vernietigd en appellant wordt bijstand toegekend vanaf 8 maart 2002.