ECLI:NL:CRVB:2009:BJ0665
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.G. Treffers
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens disfunctioneren ambtenaar bij RDW
Appellant was sinds 1983 werkzaam bij de RDW en werd per 1 januari 2006 ontslagen wegens ongeschiktheid voor zijn functie. Diverse beoordelingen tussen 2004 en 2005 toonden aan dat appellant onvoldoende functioneerde, met name door een hoog foutenpercentage bij administratieve verwerking en onvoldoende betrokkenheid bij zijn werk.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het ontslagbesluit ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde. De Raad volgde de rechtbank en oordeelde dat de beoordelingsnormen redelijk waren en dat appellant onvoldoende bereid was zich aan te passen aan de gestelde eisen.
De Raad benadrukte het belang van een uniforme werkwijze binnen de RDW en vond dat appellant voldoende gelegenheid had gekregen om zijn functioneren te verbeteren. Het ontslagbesluit werd daarom bevestigd.
Uitkomst: Het ontslag van appellant wegens disfunctioneren wordt bevestigd.