ECLI:NL:CRVB:2009:BJ2475
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering ondanks bezwaar tegen functiebeschrijvingen
Appellante maakte bezwaar tegen de intrekking van haar WAO-uitkering per 17 oktober 2006, omdat zij meende dat de gehanteerde functies bij de beoordeling niet correct waren en dat haar beperkingen medisch waren onderschat. De rechtbank Amsterdam wees het beroep af en de zaak kwam in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad verwierp het standpunt van appellante dat functies die bij een latere WAO-beoordeling waren vervallen, niet meer gebruikt mochten worden in deze procedure. De Raad oordeelde dat deze latere beoordeling op een andere datum en onder andere regelgeving was uitgevoerd. Ook vond de Raad dat de functie van productiemedewerker industrie passend was, ondanks het aspect zitten, omdat er mogelijkheden tot vertreden waren en de belasting binnen de normen viel.
Medisch gezien vond de Raad de onderbouwing van appellante onvoldoende om de eerdere beoordeling te wijzigen of een nader onderzoek te gelasten. De Functionele Mogelijkhedenlijst werd als representatief beschouwd. De Raad bevestigde daarom het besluit van het UWV en de uitspraak van de rechtbank Amsterdam, waarmee de intrekking van de WAO-uitkering gehandhaafd bleef.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering van appellante wordt bevestigd.