ECLI:NL:CRVB:2009:BJ2898
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering en beoordeling arbeidsongeschiktheid op medische en arbeidskundige gronden
Betrokkene, voormalig administratief medewerkster, ontving sinds september 2001 een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid na een verkeersongeval. In 2006 werd haar uitkering herzien en verlaagd naar een arbeidsongeschiktheidspercentage van 25 tot 35%. De rechtbank Assen verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en vernietigde het besluit, verwijzend naar neuropsychologisch onderzoek dat volgens haar onvoldoende rekening hield met de beperkingen van betrokkene.
In hoger beroep stelde de Centrale Raad van Beroep vast dat arbeidsongeschiktheid medisch objectief moet worden vastgesteld en dat bij neuropsychologische tekorten een medische onderbouwing noodzakelijk is. De door betrokkene overgelegde rapporten boden onvoldoende inzicht in de aard van de stoornissen en beperkingen. De bezwaarverzekeringsarts had de beperkingen adequaat verwerkt in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML).
De arbeidskundige onderbouwing toonde aan dat betrokkene geschikt was voor eenvoudige routinematige arbeid zonder extreme productie-eisen. De Raad concludeerde dat het bestreden besluit op juiste medische en arbeidskundige gronden rust en verklaarde het beroep ongegrond, waarmee het vonnis van de rechtbank werd vernietigd.
Uitkomst: Het beroep tegen de herziening van de WAO-uitkering wordt ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd.