ECLI:NL:CRVB:2009:BJ3901
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- J.P.M. Zeijen
- R. Kruisdijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging eigenrisicodragerschap WAO-uitkering ondanks verzoek herkeuring
Appellante, eigenrisicodrager ingevolge de WAO, werd door het Uwv verplicht zorg te dragen voor de betaling van de WAO-uitkering aan een (ex-)werkneemster. Deze uitkering was toegekend op basis van een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100% en liep nog geen vijf jaar.
Appellante maakte bezwaar tegen het toerekeningsbesluit en het verhaalsbesluit, stellende dat er geen controle was geweest op de volledige arbeidsongeschiktheid en dat verzoeken om herkeuring niet waren ingewilligd. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de beoordeling van het recht op WAO-uitkering en herkeuring in een andere procedure thuishoort.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef deze overwegingen en voegde toe dat de toetsing van de voorwaarden van artikel 75a WAO een beperkte strekking heeft, waardoor andere feiten en omstandigheden niet relevant zijn voor het toerekeningsbesluit. Omdat appellante geen hoger beroep instelde tegen eerdere uitspraken, kon zij deze grieven niet meer aanvoeren.
De Raad bevestigde daarom de aangevallen uitspraak en zag geen aanleiding voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. Hiermee blijft appellante verantwoordelijk voor de betaling van de WAO-uitkering zolang deze nog geen vijf jaar heeft geduurd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd, waardoor appellante verantwoordelijk blijft voor de WAO-uitkering.