ECLI:NL:CRVB:2009:BJ3923
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging korting AOW-pensioen wegens niet-verzekerde periode in België
Appellant, die van 1974 tot 1975 in België werkte, ontving in 2003 een AOW-pensioen van 42% vanwege een korting van 58% voor een niet-verzekerde periode van 29 jaar. Hij stelde dat hij verzekerd was in die periode omdat het Nederlandse moederbedrijf premies hield en hij een door de Sociale Verzekeringsbank (Svb) ingevuld E205-formulier had ontvangen dat deze periode als verzekerd aangaf.
De Svb verklaarde het bezwaar ongegrond en verwees naar Europese regelgeving die bepaalt dat werknemers verzekerd zijn in het land waar zij werken. De rechtbank vernietigde het eerdere besluit omdat appellant een beroep deed op het vertrouwensbeginsel, maar stelde dat het E205-formulier geen uitdrukkelijke toezegging was. De Raad bevestigde dit oordeel in hoger beroep en oordeelde dat het formulier niet rechtstreeks aan appellant was verstrekt en geen toezegging inhield die een korting op het pensioen zou kunnen verminderen.
Daarnaast wees de Raad het beroep van appellant af dat hij niet correct was geïnformeerd over de zittingsdatum, omdat de rechtbank hem aangetekend had geïnformeerd. Hoewel de uitspraak later dan gebruikelijk werd gedaan, zag de Raad hierin geen reden tot vernietiging. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en er werden geen proceskosten aan appellant toegekend.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de korting van 58% op het AOW-pensioen en wijst het hoger beroep af.