ECLI:NL:CRVB:2009:BJ4929
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering wegens voldoende medische grondslag
Appellant is sinds 3 november 1998 wegens rugklachten arbeidsongeschikt en ontving een WAO-uitkering. Het UWV heeft de uitkering per 5 november 2006 ingetrokken en later herzien naar een lagere mate van arbeidsongeschiktheid. De rechtbank heeft het beroep van appellant tegen deze herziening gegrond verklaard, maar de rechtsgevolgen van het besluit in stand gelaten.
In hoger beroep betoogt appellant dat zijn beperkingen ernstiger zijn dan vastgesteld en dat hij de geduide functies op 3 mei 2007 niet kon verrichten. De Raad overweegt dat appellant geen nieuwe medische gegevens heeft aangeleverd die dit ondersteunen en acht het medisch onderzoek zorgvuldig. De bezwaararbeidsdeskundige concludeert dat appellant wel in staat was de functies te verrichten.
De Raad bevestigt daarom de beslissing van de rechtbank voor zover de rechtsgevolgen van het bestreden besluit in stand zijn gelaten. Een proceskostenveroordeling wordt niet opgelegd. De uitspraak is gedaan door J.P.M. Zeijen op 7 augustus 2009.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant in staat was de functies te verrichten en wijst het hoger beroep af.