ECLI:NL:CRVB:2009:BJ5426
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens juiste inschatting psychische belastbaarheid
Appellante, medewerkster bloemteelt, kreeg sinds 1999 een WAO-uitkering wegens psychische en lichamelijke klachten. Na herbeoordelingen en een herziening in 2006 trok het UWV haar WAO-uitkering in, stellende dat zij geschikt was voor functies passend bij haar beperkingen. De rechtbank vernietigde dit besluit vanwege een fout in de urenomvangmaximering, maar liet de rechtsgevolgen in stand.
In hoger beroep betoogde appellante dat haar medische situatie niet was veranderd en dat het UWV onjuiste functionele mogelijkheden had gebruikt. De Raad oordeelde dat het UWV voldoende had aangetoond dat de belastbaarheid van de functies overeenkwam met de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) en dat de signaleringen van overschrijdingen toereikend waren gemotiveerd.
Medisch gezien was er geen reden om fysieke beperkingen aan te nemen en was de psychische situatie van appellante in 2006 zelfs verbeterd ten opzichte van 2004. De Raad vond geen grond om de urenbeperking te handhaven en zag geen aanleiding voor een onafhankelijk medisch onderzoek. Daarom werd het hoger beroep verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt verworpen en de intrekking van de WAO-uitkering bevestigd.