ECLI:NL:CRVB:2009:BJ5494
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Afwijzing Wajong-uitkering wegens volledige arbeidsongeschiktheid bij inschrijving als ingezetene
Appellant, geboren in 1966 en sinds 31 januari 1986 ingezetene van Nederland, vroeg op 30 mei 2005 een Wajong-uitkering aan. Het UWV wees de aanvraag af omdat appellant op het moment van inschrijving als ingezetene al volledig arbeidsongeschikt was volgens de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW), die van toepassing is op het overgangsrecht bij de invoering van de Wajong.
De rechtbank vernietigde eerdere besluiten van het UWV en beval hernieuwde besluitvorming, maar verklaarde het beroep uiteindelijk ongegrond. Appellant voerde in hoger beroep aan dat de jaren in Suriname als verblijf in Nederland moesten worden beschouwd en dat het UWV van zijn beleid had moeten afwijken vanwege bijzondere omstandigheden.
De Raad overwoog dat appellant vanaf 31 januari 1986 als ingezetene moet worden beschouwd en dat hij op dat moment volledig arbeidsongeschikt was. Omdat appellant niet in Nederland woonde in de zes jaar voorafgaand aan zijn 17e verjaardag, was het UWV bevoegd de aanspraken buiten aanmerking te laten. Er waren geen bijzondere omstandigheden die afwijking van het beleid rechtvaardigden. Daarom bevestigde de Raad het bestreden vonnis.
Uitkomst: De afwijzing van de Wajong-uitkering wordt bevestigd omdat appellant bij inschrijving als ingezetene al volledig arbeidsongeschikt was en geen bijzondere omstandigheden tot afwijking van het beleid zijn gebleken.