ECLI:NL:CRVB:2009:BJ5857
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beslissing UWV over geschiktheid tot arbeid op grond van de Ziektewet
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV waarin hij per 2 juli 2007 geschikt werd geacht tot het verrichten van arbeid volgens de Ziektewet. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en onderschreef de medische bevindingen van de verzekeringsartsen.
In hoger beroep betoogde appellant dat zijn medische beperkingen waren onderschat. De Raad stelde vast dat de door appellant ingebrachte aanvullende stukken buiten beschouwing werden gelaten vanwege bezwaar van het UWV en dat de bestaande medische rapportages zorgvuldig en volledig waren. De Raad vond geen aanleiding om de eerdere conclusies te betwijfelen, mede omdat de medische gegevens geen afwijkingen of nieuwe inzichten boden die het eerdere oordeel zouden wijzigen.
Een verzoek tot onderzoek door een onafhankelijke medisch deskundige werd afgewezen. De Raad bevestigde daarmee de aangevallen uitspraak en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er was geen grond voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van het UWV dat appellant geschikt is tot arbeid wordt bevestigd.