ECLI:NL:CRVB:2009:BJ6404
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verwijtbaarheid van niet tijdig aanvragen toeslag op grond van de Toeslagenwet
Betrokkene heeft niet tijdig een aanvraag ingediend voor een toeslag op grond van de Toeslagenwet (TW) over de periode van 9 februari 2005 tot 8 februari 2006. Appellant, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, legde daarom een korting van 20% op de toegekende toeslag op. De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en vernietigde het besluit, omdat betrokkene niet kan worden verweten dat zij niet eerder een aanvraag heeft gedaan, mede gezien de handelwijze van de gemeente Gouda die een toeslag verstrekte op basis van een andere wet.
In hoger beroep stelt appellant dat onbekendheid met de TW niet leidt tot het ontbreken van verwijtbaarheid voor het niet tijdig aanvragen van de toeslag. De Raad bevestigt dit standpunt en overweegt dat de onbekendheid met de rechten en verplichtingen op grond van de TW voor rekening en risico van betrokkene komt. Het feit dat ook de gemeente Gouda niet op de hoogte was en ten onrechte een toeslag verstrekte, doet hieraan niet af.
De Centrale Raad van Beroep vernietigt daarom het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep van betrokkene ongegrond. Er zijn geen gronden gevonden om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De opgelegde maatregel is in overeenstemming met het Maatregelenbesluit.
Uitkomst: De opgelegde korting van 20% op de toeslag wordt gehandhaafd omdat het niet tijdig aanvragen verwijtbaar is.