ECLI:NL:CRVB:2009:BJ7326
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.J. Goorden
- M.C.M. van Laar
- P.J. Jansen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit voortzetting WAO-uitkering bij arbeidsongeschiktheid 55-65%
Appellant betwistte de mate van arbeidsongeschiktheid van 55 tot 65% vastgesteld door het UWV en stelde dat de functies waarop deze beoordeling was gebaseerd niet geschikt waren vanwege zijn beperkingen, met name in hand- en vingergebruik. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant in hoger beroep ging.
De Raad stelde vast dat het onderzoek aanvankelijk niet volledig was en dat pas in hoger beroep een volledige arbeidskundige toelichting werd gegeven. De Raad oordeelde dat de aangepaste Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) de beperkingen van appellant juist weergeeft, inclusief een beperking in horen. De bezwaararbeidsdeskundige had de geschiktheid van de functies nader toegelicht en de Raad volgde deze motivering.
De Raad vernietigde het bestreden besluit wegens strijd met artikel 7:12, eerste lid, van de Awb, omdat de toelichting op de geschiktheid van functies pas in hoger beroep volledig was. De rechtsgevolgen van het besluit blijven echter in stand. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant in beroep en hoger beroep.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onvoldoende toelichting, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.