ECLI:NL:CRVB:2009:BJ7868
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- H.C.P. Venema
- W.F. Claessens
- Rechtspraak.nl
Herziening en intrekking bijstandsuitkering wegens woonsituatie en schending inlichtingenplicht
Appellante ontving vanaf oktober 2003 bijstand met een woonsituatietoeslag van 20%. Na een anonieme tip startte de gemeente een onderzoek dat leidde tot een besluit tot intrekking van de bijstand per februari 2006, omdat appellante niet op het opgegeven adres zou wonen. Dit besluit werd aanvankelijk door de rechtbank vernietigd.
Vervolgens herzag het College de bijstand over de periode oktober 2003 tot februari 2006 en vorderde terugbetaling wegens het niet melden dat haar broer bij haar woonde, waardoor de toeslag werd verlaagd van 20% naar 10%. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze herziening ongegrond, maar de Raad constateerde dat het besluit innerlijk tegenstrijdig was omdat het intrekkingsbesluit en het herzieningsbesluit niet verenigbaar waren.
De Raad vernietigde het besluit van 21 september 2006 en herroept het besluit van 10 mei 2006, omdat appellante feitelijk niet op het opgegeven adres woonde en er geen sprake was van woningdeling. Tevens veroordeelde de Raad het College in de proceskosten van appellante en bepaalde dat het betaalde griffierecht wordt vergoed.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking en herziening van de bijstand wordt vernietigd en herroepen; het College wordt veroordeeld in de proceskosten.