ECLI:NL:CRVB:2009:BJ8359
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- H.J. de Mooij
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering naar 45-55% arbeidsongeschiktheid ondanks betwisting
Appellante ontving een WAO-uitkering die was herzien van 55-65% naar 45-55% arbeidsongeschiktheid. Na melding van toegenomen arbeidsongeschiktheid wegens hartklachten werd het bezwaar tegen deze herziening ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak.
De Raad oordeelt dat de bezwaarverzekeringsarts voldoende gemotiveerd heeft aangegeven dat de medische informatie geen aanleiding geeft tot twijfel over het oordeel dat appellante belastbaar is conform de functionele mogelijkhedenlijst (FML). Het feit dat de bezwaarverzekeringsarts zelf geen lichamelijk onderzoek verrichtte, acht de Raad niet onzorgvuldig.
De Raad stelt vast dat de opeenvolgende besluiten steeds duidelijk waren over de herziening van de uitkering en dat de arbeidsdeskundige rapportages de geschiktheid van appellante voor bepaalde functies onderbouwen. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de WAO-uitkering naar 45-55% arbeidsongeschiktheid en wijst het hoger beroep af.