ECLI:NL:CRVB:2009:BJ8766
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- C.G. Kasdorp
- Rechtspraak.nl
Beoordeling mate van invaliditeit militair na dienstverband en psychische klachten
Appellant, voormalig militair, verzocht om toekenning van een invaliditeitspensioen vanwege psychische klachten die hij tijdens zijn dienstverband opliep. De staatssecretaris kende een invaliditeitspensioen toe met een mate van invaliditeit van 25%, welke door appellant werd bestreden. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant gegrond en vernietigde het besluit, waarna de staatssecretaris een nieuw besluit nam waarbij de mate van invaliditeit voor de periode van 17 augustus 2004 tot 17 augustus 2005 werd verhoogd naar 30%, en daarna gehandhaafd op 25%.
Appellant stelde dat zijn invaliditeit 50% bedroeg, verwijzend naar rapporten van psychiater dr. R.V. Schwarz, maar de Raad volgde de deskundige prof. dr. H.J.C. van Marle die op basis van een uitgebreide en gemotiveerde beoordeling concludeerde dat de beperkingen van appellant minder ernstig waren dan door appellant werd gesteld. De Raad achtte het besluit van de staatssecretaris deugdelijk voorbereid en onderbouwd.
De Raad oordeelde dat het pensioen op 60-jarige leeftijd met pensioen gaan geen aanleiding gaf tot een hogere mate van invaliditeit. Het beroep tegen het besluit van 24 december 2008 werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd. Er werd geen vergoeding van proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen het besluit tot toekenning van een militair invaliditeitspensioen werd ongegrond verklaard en het besluit bevestigd.