ECLI:NL:CRVB:2009:BJ9380
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- M.C. Bruning
- B.J. van der Net
- Rechtspraak.nl
Beoordeling en ontslag beroepsmilitair met knieklachten bevestigd door Centrale Raad van Beroep
Appellant was sinds 7 november 2005 aangesteld als soldaat der derde klasse en volgde een initiële onderofficiersopleiding bij de logistieke dienst. Tijdens deze opleiding kreeg appellant meerdere gesprekken over zijn functioneren, waaronder een introductie-, begeleidings-, functionerings- en beoordelingsgesprek.
De pelotonscommandant stelde op 1 februari 2006 een onvoldoende beoordeling vast over de periode van 7 november 2005 tot en met 16 januari 2006. Op basis hiervan werd appellant op 30 maart 2006 ontheven uit de opleiding en ontslag verleend per 1 mei 2006. Appellant maakte bezwaar tegen deze besluiten, maar deze werden bij latere besluiten van 27 maart en 4 april 2007 ongegrond verklaard.
In hoger beroep stelde appellant dat de negatieve beoordeling mede veroorzaakt werd door knieklachten. De Raad overwoog dat hoewel op sommige onderdelen zoals prestatieniveau en doorzettingsvermogen mogelijk onvoldoende rekening was gehouden met deze klachten, dit niet gold voor andere onderdelen zoals zelfstandigheid en sociale vaardigheden. Het beoordelingsbesluit berustte op voldoende gronden, het tijdvak was niet te kort en appellant had voldoende kansen gehad om zijn functioneren te verbeteren.
De Raad bevestigde daarom de aangevallen uitspraken en wees het hoger beroep af. Tevens werd geen vergoeding van proceskosten toegekend.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de negatieve beoordeling, ontheffing en het ontslag van appellant.