ECLI:NL:CRVB:2009:BK0954
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- J.F. Bandringa
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandeling stelling bijstandsaanvraag wegens niet tijdig overleggen bankgegevens
Appellant diende op 28 november 2006 een aanvraag om bijstand in. Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Gravenhage verzocht appellant meerdere malen om originele bankafschriften van de laatste drie maanden te overleggen. Ondanks herhaalde verzoeken leverde appellant niet alle gevraagde gegevens binnen de gestelde termijnen aan en vroeg hij ook geen verlenging.
Het College stelde daarop de aanvraag buiten behandeling met toepassing van artikel 4:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Het bezwaar tegen dit besluit werd ongegrond verklaard door het College en vervolgens door de rechtbank ’s-Gravenhage. Appellant ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelde dat het College terecht de aanvraag buiten behandeling heeft gesteld omdat appellant niet tijdig de noodzakelijke gegevens heeft verstrekt en geen verlenging heeft gevraagd. De stelling van appellant dat hij de ontbrekende gegevens later heeft overgelegd werd niet onderbouwd en weersproken door het College. De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en zag geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: De bijstandsaanvraag wordt buiten behandeling gesteld wegens het niet tijdig overleggen van de gevraagde bankgegevens.