ECLI:NL:CRVB:2009:BK3077
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing recht op ziekengeld na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellant, werkzaam als medewerker kippenslachterij, meldde zich op 12 december 2005 ziek vanwege psychische klachten en duizeligheid. Na meerdere bezoeken aan de verzekeringsarts werd appellant per 20 september 2006 hersteld verklaard en verloor hij het recht op ziekengeld.
Het UWV verklaarde het bezwaar van appellant tegen dit besluit ongegrond na een heroverweging en lichamelijk onderzoek door een bezwaarverzekeringsarts. De rechtbank bevestigde dit oordeel en oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd.
In hoger beroep stelde appellant dat hij nog onder behandeling was van een specialist, therapie onderging en medicatie gebruikte, en dat onvoldoende rekening was gehouden met incontinentieproblemen. De Raad concludeerde echter dat appellant geen nieuwe informatie over de relevante datum had aangeleverd en onderschreef het oordeel van de rechtbank dat appellant per 20 september 2006 in staat was zijn werk te verrichten.
Het verzoek van appellant om schadevergoeding werd afgewezen omdat het hoger beroep niet slaagde en er geen grond was voor vergoeding. De Raad bevestigde daarmee de eerdere uitspraak en wees het verzoek tot schadevergoeding af.
Uitkomst: Het recht op ziekengeld werd per 20 september 2006 beëindigd en het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen.