ECLI:NL:CRVB:2009:BK4101
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van WAO-uitkeringsbesluit ondanks betwisting arbeidsongeschiktheid
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen het UWV-besluit waarin zijn arbeidsongeschiktheid op 25-35% werd vastgesteld en dit bezwaar werd door het UWV ongegrond verklaard. De rechtbank heeft dit besluit bevestigd na een zorgvuldige beoordeling van de medische gegevens en functionele mogelijkheden van appellant, waarbij ook de psychische klachten zijn meegewogen.
In hoger beroep voerde appellant aan volledig arbeidsongeschikt te zijn, verwijzend naar een rapport van een GZ-psycholoog. De Raad overwoog echter dat deze nieuwe stellingname geen nieuwe gezichtspunten bevatte en dat er geen medische gegevens waren die twijfel zaaiden over de vastgestelde belastbaarheid. Het feit dat appellant niet onder behandeling was en geen medicatie gebruikte, ondersteunde het oordeel van het UWV.
De Raad verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de eerdere uitspraak. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het UWV-besluit tot voortzetting van de WAO-uitkering met 25-35% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd.