ECLI:NL:CRVB:2009:BK5721
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Beoordeling berekening dagloon met betrekking tot vakantiebonnen in WIA-uitkering
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om geen WIA-uitkering toe te kennen wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid. Het geschil betrof de wijze van berekening van het dagloon, waarbij appellant stelde dat ook de volledige waarde van vakantiebonnen meegenomen moest worden.
De rechtbank verklaarde het beroep deels niet-ontvankelijk en oordeelde dat het UWV terecht alleen het belaste deel van de vakantiebonnen bij de dagloonberekening betrok. De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel en stelt dat het Besluit dagloonregels werknemersverzekeringen geen grondslag biedt voor het meenemen van de volledige waarde van vakantiebonnen.
De Raad benadrukt dat het UWV het loon heeft gebruikt dat daadwerkelijk als premieplichtig loon is opgegeven en dat de gedeeltelijke waardering van vakantiebonnen geen reden is om van het Besluit af te wijken. Ook is geen sprake van een situatie waarin minder loon is genoten wegens verlof zoals bedoeld in het Besluit.
Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen en er wordt geen proceskostenveroordeling uitgesproken. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 2 december 2009.
Uitkomst: Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen en het UWV heeft terecht alleen het belaste deel van vakantiebonnen bij de dagloonberekening betrokken.