ECLI:NL:CRVB:2009:BK5944
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- A.A.H. Schifferstein
- P.J. Jansen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks bezwaar over belastbaarheid en reformatio in peius
Appellante, voorheen filiaalmanager, kreeg sinds 1995 een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid van 80-100%. Na een herbeoordeling in 2006 door een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige werd haar uitkering herzien naar 15-25% arbeidsongeschiktheid, gebaseerd op functies als inpakker, parkeercontroleur en elektronica monteur.
De rechtbank vernietigde het herzieningsbesluit maar liet de rechtsgevolgen in stand. Appellante ging in hoger beroep en voerde aan dat de belastbaarheid op het aspect 'staan' werd overschreden, dat de herbeoordeling in strijd was met artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM, en dat het verbod van reformatio in peius was geschonden.
De Raad oordeelde dat geen sprake was van een individuele en buitensporige last door de herbeoordeling en dat het Uwv terecht een tweede medische keuring uitvoerde. De arbeidsdeskundige had de functies met inachtneming van de functionele beperkingen beoordeeld en de mate van arbeidsongeschiktheid correct vastgesteld. De geringe overschrijding van belastbaarheid op het aspect 'staan' werd voldoende gemotiveerd en geaccepteerd.
Het beroep op het verbod van reformatio in peius faalde omdat de mate van arbeidsongeschiktheid ongewijzigd bleef. De Raad bevestigde daarmee het herzieningsbesluit en verwierp het hoger beroep van appellante. Er waren geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 9 december 2009.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de WAO-uitkering naar 15-25% arbeidsongeschiktheid en wijst het hoger beroep van appellante af.