ECLI:NL:CRVB:2009:BK5971
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering verdere ziekengelduitkering wegens onvoldoende ongeschiktheid voor aangepast werk
Appellant, voormalig systeembeheerder, vroeg om ziekengeld na uitval wegens lichamelijke en psychische klachten. Het UWV weigerde verdere uitkering per 2 november 2005, wat door appellant werd aangevochten. De rechtbank verklaarde het beroep aanvankelijk gegrond, maar het UWV handhaafde het bezwaar in een nieuw besluit.
In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep het oordeel van onafhankelijke deskundigen, waaronder psychiater Kazemier en bezwaarverzekeringsarts Van der Stoep, gevolgd. Zij concludeerden dat appellant op de datum in geding niet medisch ongeschikt was voor zijn aangepaste werkzaamheden, tenzij het werk overbelastend werd.
Appellant bracht aanvullende medische stukken in, maar deze gaven geen aanleiding tot afwijking van het deskundigenoordeel. De Raad vond geen aanwijzingen dat het UWV de lichamelijke beperkingen had onderschat. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van verdere ziekengelduitkering per 2 november 2005.