ECLI:NL:CRVB:2009:BK6587
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing Wajong-uitkering wegens ontbreken arbeidsbeperkingen
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen de afwijzing van haar Wajong-uitkering door het UWV, omdat zij stelt arbeidsongeschikt te zijn door een chronisch vermoeidheidssyndroom. Ter onderbouwing heeft zij medische verklaringen van een interniste en huisarts overgelegd.
De Centrale Raad van Beroep stelt vast dat volgens artikel 2, eerste lid, Wajong alleen sprake is van arbeidsongeschiktheid indien objectief medisch vaststaat dat de verzekerde niet in staat is arbeid te verrichten die gezonde personen met vergelijkbare opleiding en ervaring kunnen verrichten. In bijzondere gevallen kan dit ook gelden als niet duidelijk is welke ziekte het onvermogen veroorzaakt, mits onafhankelijke medische deskundigen een vrijwel eenduidige en medisch gemotiveerde opvatting hebben.
De Raad oordeelt dat de medische gegevens in hoger beroep geen lichamelijke of psychische afwijkingen bevatten die de vermoeidheidsklachten kunnen verklaren, noch dat er sprake is van een bijzonder geval. Daarom slaagt het hoger beroep niet en wordt de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de Wajong-uitkering wordt bevestigd.