ECLI:NL:CRVB:2009:BK6861
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Afwijzing starterskrediet wegens onvoldoende realiteitsgehalte bedrijfsplan en marktontwikkelingen
Betrokkene, een WAO-uitkeringsgerechtigde met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 25 tot 35%, vroeg een starterskrediet aan bij het UWV om een onderneming te starten in de verkoop van cadeaus en gadgets. Het IMK adviseerde negatief over de aanvraag vanwege onvoldoende realiteitsgehalte van het bedrijfsplan, lage verwachte omzet en ongunstige marktontwikkelingen.
De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond omdat het UWV onvoldoende had gemotiveerd waarom het advies van het IMK leidde tot afwijzing, met name vanwege onvoldoende afstemming op de specifieke situatie van betrokkene. Het UWV ging in hoger beroep en overwoog dat het verschil tussen de taakstellende omzet van €95.000 en de maximale haalbare omzet van €50.000 dermate groot was dat het bedrijfsplan niet realistisch was.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het UWV terecht op het deskundige advies van het IMK mocht vertrouwen en dat het bedrijfsplan geen reële optie bood. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van betrokkene ongegrond verklaard. Er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en het starterskrediet wordt terecht geweigerd.