ECLI:NL:CRVB:2009:BK6891
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen bijzondere bijstand voor vervoerskosten binnen gemeente Utrecht
Appellant ontving tot september 2004 vergoeding van vervoerskosten door zijn zorgverzekeraar, waarna deze werd stopgezet vanwege nieuwe regelgeving. Het College van Utrecht weigerde aanvankelijk bijzondere bijstand, maar kende deze later toe voor vervoer naar ziekenhuizen buiten Utrecht. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze toekenning ongegrond voor vervoerskosten binnen Utrecht.
In hoger beroep stelde appellant dat de kosten niet uit zijn inkomen te voldoen waren. De Raad beoordeelde dat op grond van de Regeling ziekenvervoer geen voorliggende voorziening bestond voor deze kosten, maar dat het College op grond van de WWB alleen bijzondere bijstand kan verlenen bij zeer dringende redenen, die hier ontbraken.
Het gemeentelijke beleid sluit vergoeding van vervoerskosten binnen Utrecht uit, tenzij deze kosten dermate hoog zijn dat ze niet uit het inkomen betaald kunnen worden. De Raad oordeelde dat dit beleid begunstigend buitenwettelijk beleid is en dat het consistent is toegepast. De gemaakte vervoerskosten binnen Utrecht waren niet hoog genoeg om bijzondere bijstand te rechtvaardigen.
Het hoger beroep werd afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Hoger beroep afgewezen; geen bijzondere bijstand voor vervoerskosten binnen gemeente Utrecht.