ECLI:NL:CRVB:2009:BK7222
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.J.A. Kooijman
- N.M. van Waterschoot
- Rechtspraak.nl
Vergoeding kosten beroepsmatig verleende rechtsbijstand bij bezwaar sociale bijstand
Appellant maakte bezwaar tegen een besluit van het College van burgemeester en wethouders van Almere inzake de ingangsdatum van de toegekende algemene bijstand. Het College wees het verzoek om vergoeding van de kosten van bezwaar af omdat volgens hen geen sprake was van beroepsmatig verleende rechtsbijstand door Tjon, die namens appellant optrad.
De rechtbank bevestigde dit oordeel en verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep betoogde appellant dat Tjon meer dan incidenteel rechtsbijstand verleent en daarvoor kosten in rekening brengt. De Raad toetste of de werkzaamheden van Tjon als beroepsmatig verleende rechtsbijstand konden worden aangemerkt.
De Raad stelde vast dat Tjon sinds 2 juli 2008 als zelfstandig ondernemer in meerdere procedures rechtsbijstand verleent en hiervoor kosten in rekening brengt, ook bij appellant. Dit betekent dat er sprake is van stelselmatige rechtshulp en dus beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De Raad vernietigde het besluit en de uitspraak van de rechtbank en veroordeelde het College tot vergoeding van de kosten van rechtsbijstand, inclusief griffierechten, tot een totaalbedrag van €1.932.
Uitkomst: Het College wordt veroordeeld tot vergoeding van de kosten van rechtsbijstand en proceskosten aan appellant.