ECLI:NL:CRVB:2009:BK7364
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- M.C. Bruning
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet-ontvankelijkheid bezwaar schadevergoeding na ontslagregeling
Appellante werd ontslagen per 1 juni 2002 met een ontslagregeling volgens de CAO Academische Ziekenhuizen. De rechtbank Rotterdam oordeelde in 2005 dat het bestuur het ontslag redelijk had toegepast, maar de uitkeringsregeling niet binnen redelijke grenzen was vastgesteld. De rechtbank bepaalde aanvullingen op de uitkeringsregeling, waaronder compensatie van pensioenschade.
Het bestuur voerde in januari 2006 een uitkeringsaanvulling uit, maar appellante stelde dat zij schade leed door het ontbreken van rentevergoeding en de wijze van pensioenschadecompensatie. Zij verzocht om een zelfstandig schadebesluit, dat het bestuur weigerde te nemen en haar bezwaar niet-ontvankelijk verklaarde.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de brief van januari 2006 geen zelfstandig schadebesluit was, maar een uitvoering van de ontslagregeling. Appellante mocht daarom een zelfstandig schadebesluit vragen. Het bestuur moet nu alsnog op het verzoek beslissen.
De Raad veroordeelde het bestuur tot vergoeding van de proceskosten van appellante en bepaalde dat het griffierecht wordt vergoed. Tevens werd aangegeven dat de compensatie van pensioenschade zal plaatsvinden bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd van appellante.
Uitkomst: Het bestuur moet een nieuw besluit nemen over het schadeverzoek van appellante en wordt veroordeeld tot vergoeding van haar proceskosten.