ECLI:NL:CRVB:2009:BK8147
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Afwijzing indicatie huishoudelijke en persoonlijke verzorging voor meervoudig gehandicapt kind
Appellant, een meervoudig lichamelijk gehandicapt kind geboren in 2005, vroeg via zijn wettelijk vertegenwoordigers een indicatie aan voor huishoudelijke verzorging, persoonlijke verzorging, activerende begeleiding en behandeling op grond van de AWBZ. De aanvraag werd door het CIZ afgewezen omdat de benodigde zorg niet boven de gebruikelijke zorg voor een kind van die leeftijd uitstijgt.
De voorzieningenrechter verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond. De Raad overwoog dat de zorgplicht van ouders voor een kind van deze leeftijd volledig is en dat de extra zorg die appellant nodig heeft niet substantieel meer is dan die gebruikelijke zorg. Medische adviezen bevestigden dat de zorg niet bovengebruikelijk is, ondanks de specifieke beperkingen en benodigde voeding en verbandwisselingen.
De Raad oordeelde dat behandeling via de AWBZ niet aan de orde is omdat medische zorg reeds via de Zorgverzekeringswet wordt vergoed. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard, het verzoek tot schadevergoeding afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanvraag voor AWBZ-zorg afgewezen wegens ontbreken van bovengebruikelijke zorg.