ECLI:NL:CRVB:2009:BK8330
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geen recht meer op ziekengeld na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellant was werkzaam als inpakker via een uitzendbureau en meldde zich ziek met psychische klachten, rug- en hoofdpijnklachten en slaapproblemen. Na onderzoek door een verzekeringsarts werd appellant per 9 januari 2008 hersteld verklaard en het Uwv beëindigde het recht op ziekengeld op die datum.
In bezwaar en hoger beroep voerde appellant aan dat onvoldoende rekening was gehouden met beperkingen, waaronder een vermeende verhoging van medicatie die mogelijk eerdere klachten zou verklaren. De bezwaarverzekeringsarts en de rechtbank oordeelden dat appellant onvoldoende medische onderbouwing had geleverd over medicijngebruik, dosis en datum van verhoging.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft deze beoordeling en ziet geen aanleiding om af te wijken van de eerdere uitspraak. Er is geen twijfel gerezen over de juistheid van de medische beoordeling en appellant is niet ongeschikt voor de maatstaf arbeid per 9 januari 2008. De Raad bevestigt daarom het besluit dat appellant geen recht meer heeft op ziekengeld.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant vanaf 9 januari 2008 niet meer ongeschikt is voor arbeid en geen recht meer heeft op ziekengeld.