ECLI:NL:CRVB:2009:BK8418
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor verhuiskosten wegens niet benutten voorliggende voorziening
Appellante, een alleenstaande ouder met bijstand naast een arbeidsongeschiktheidsuitkering, vroeg bijzondere bijstand aan voor verhuiskosten na een verhuizing vanwege geluidsoverlast. De aanvraag werd afgewezen omdat zij geen aantoonbare schulden had en een beroep had moeten doen op een voorliggende voorziening, namelijk een lening bij de gemeentelijke kredietbank (Gkb).
Tijdens de procedure bleek dat appellante inderdaad een lening had aangevraagd bij de Gkb, maar deze werd niet in behandeling genomen omdat zij een auto bezat en geen afstand wilde doen van de auto, terwijl de Gkb geen krediet verstrekt aan bijstandsgerechtigden met een auto. Appellante stelde dat de auto medisch noodzakelijk was, maar dit werd onvoldoende onderbouwd en niet bevestigd door een medisch besluit of huisartsverklaring.
De Raad benadrukte dat de WWB een sluitstukfunctie heeft en dat appellante had moeten voldoen aan de voorwaarden van de voorliggende voorziening. Omdat zij dit niet deed, moest het risico van het niet verkrijgen van de lening voor haar rekening blijven. Er waren ook geen zeer dringende redenen aanwezig om bijzondere bijstand toe te kennen. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en de afwijzing van de bijzondere bijstand bevestigd.
Uitkomst: De afwijzing van de aanvraag bijzondere bijstand voor verhuiskosten wordt bevestigd.