ECLI:NL:CRVB:2009:BK8724
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing nabestaandenuitkering op grond van ANW wegens ontbreken verzekering
Appellante, woonachtig in Turkije, verzocht om een nabestaandenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (ANW) na het overlijden van haar echtgenoot in april 2006. De Sociale verzekeringsbank (Svb) wees dit verzoek af omdat de echtgenoot niet verzekerd was voor de ANW op het moment van overlijden en er geen recht op uitkering bestond op grond van internationale regelingen.
De rechtbank vernietigde het besluit op bezwaar wegens schending van de hoorplicht, maar hield de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Appellante ging in hoger beroep tegen deze beslissing en stelde dat zij gerechtvaardigde verwachtingen had dat haar echtgenoot verzekerd zou zijn gebleven of opnieuw zou worden toegelaten tot de vrijwillige verzekering.
De Raad oordeelde dat appellante voldoende gelegenheid had gehad haar standpunt naar voren te brengen en dat er geen aanwijzingen waren dat de echtgenoot verzekerd was onder de ANW of Turkse wetgeving ten tijde van zijn overlijden. Ook was geen aanvraag voor vrijwillige verzekering ingediend. De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de nabestaandenuitkering omdat de echtgenoot niet verzekerd was voor de ANW ten tijde van zijn overlijden.