ECLI:NL:CRVB:2009:BK9628
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing schadevergoeding wegens niet-ontvankelijk beroep tegen UWV-besluit
Appellant ontving vanaf 1 januari 2008 pensioen en het UWV beëindigde daarop zijn WW-uitkering. Het UWV herzag later het besluit en verrekende ten onrechte betaalde bedragen met vakantiegeld. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in, dat hij later introk met een verzoek om vergoeding van gemaakte kosten.
De rechtbank oordeelde dat geen vergoeding van schade op grond van art. 8:73a Awb toekomt omdat het UWV niet aan de bezwaren tegemoet is gekomen. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij zich misleid voelde en schade leed door het voeren van beroep en hoger beroep.
De Raad volgt de rechtbank en stelt vast dat het UWV een herzieningsbesluit nam en niet tot terugvordering overging. De verrekening van bedragen betekent geen tegemoetkoming aan de bezwaren. Vergoeding van griffierecht is niet mogelijk omdat niet aan de bezwaren is voldaan. De Raad bevestigt de aangevallen uitspraak en wijst proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat geen schadevergoeding toekomt omdat het UWV niet aan de bezwaren tegemoet is gekomen.