ECLI:NL:CRVB:2010:BK8718
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geen recht op ziekengeld na zorgvuldige medische beoordeling
Appellant, werkzaam als productiemedewerker, meldde zich ziek na een auto-ongeval op 9 juni 2006. Na meerdere onderzoeken door de primaire verzekeringsarts werd appellant per 23 april 2007 hersteld verklaard en werd het recht op ziekengeld beëindigd.
Het UWV weigerde de verdere uitkering van ziekengeld en verklaarde het bezwaar van appellant ongegrond, mede op basis van rapportages van de bezwaarverzekeringsarts en bezwaararbeidsdeskundige. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond.
In hoger beroep voerde appellant aan dat hij een whiplash had en dat nader onderzoek naar deze diagnose noodzakelijk was. De Raad overwoog dat de medische beoordeling zorgvuldig was, waarbij ook informatie van diverse medische specialisten was meegewogen. De nadien overgelegde medische stukken betroffen niet de gezondheidstoestand op de datum in geding.
De bezwaararbeidsdeskundige had aanvullend onderzoek gedaan en contact gehad met de werkgever. De Raad vond geen reden om de conclusies van de verzekeringsartsen en arbeidsdeskundige te betwisten.
De Raad bevestigde het besluit van het UWV dat appellant per 23 april 2007 geen recht meer had op ziekengeld. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit dat appellant per 23 april 2007 geen recht meer heeft op ziekengeld wordt bevestigd.