ECLI:NL:CRVB:2010:BK8768
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- A.A.H. Schifferstein
- B. Barentsen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling herbeoordeling intrekking WAO-uitkering na onzorgvuldig medisch onderzoek
Betrokkene ontving sinds oktober 2001 een WAO-uitkering wegens psychische klachten en een urenbeperking van 6 uur per dag. In 2007 werd de uitkering ingetrokken na een herbeoordeling door een verzekeringsarts in opleiding, die lichte psychische beperkingen constateerde maar geen psychopathologie. Betrokkene maakte bezwaar tegen het besluit en werd gezien door een bezwaarverzekeringsarts die het onderzoek voortijdig moest afbreken vanwege het gedrag van betrokkene.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit omdat het medisch onderzoek onvoldoende zorgvuldig was, met name omdat het door een verzekeringsarts in opleiding was verricht en het bezwaaronderzoek niet voldeed. De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat het bezwaaronderzoek, bestaande uit een spreekuuronderzoek, dossierstudie en overleg met behandelend artsen, afdoende was en het gebrek in het primaire onderzoek herstelde.
De Raad acht de motivering van de bezwaarverzekeringsarts overtuigend, met name dat lichamelijk onderzoek niet zinvol was gezien de psychische problematiek en de informatie van de neuroloog. De Raad concludeert dat de belastbaarheid van betrokkene niet wordt overschreden en dat het bestreden besluit op een deugdelijke medische en arbeidskundige onderbouwing berust. De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep tegen de intrekking van de WAO-uitkering ongegrond.