ECLI:NL:CRVB:2010:BK9703
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV om geen WIA-uitkering toe te kennen wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 35%. De rechtbank had het eerdere besluit vernietigd en het UWV opgedragen opnieuw te beslissen. Bij hernieuwde beoordeling heeft het UWV het bezwaar opnieuw ongegrond verklaard, waarbij de bezwaarverzekeringsarts en bezwaararbeidsdeskundige een juiste inschatting maakten van de beperkingen en mogelijkheden van appellant.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij niet meer dan vier uur per dag belastbaar is, onderbouwd met een WSW-indicatie en rapporten van behandelaars. De Raad oordeelde dat een WSW-indicatie geen directe betekenis heeft voor de WIA-beoordeling en dat de medische rapporten geen aanleiding geven tot een strengere urenbeperking dan reeds vastgesteld.
De bezwaararbeidsdeskundige stelde geschikte functies vast die aansluiten bij de beperkingen van appellant. De Raad onderschrijft het oordeel dat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt is en bevestigt daarmee de aangevallen uitspraak van de rechtbank. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering omdat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt is.