ECLI:NL:CRVB:2010:BL0574
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na zorgvuldig medisch en arbeidskundig onderzoek
Appellant, die sinds 1995 wegens psychische klachten arbeidsongeschikt was, kreeg vanaf 1996 een WAO-uitkering. Het UWV trok deze uitkering in 2003 in vanwege een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. Na bezwaar en beroep vernietigde de rechtbank het besluit en gaf het UWV opdracht tot een nieuw besluit, dat opnieuw tot afwijzing van het bezwaar leidde.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit nieuwe besluit ongegrond, waarbij zij de medische en arbeidskundige rapporten als zorgvuldig en toereikend beoordeelde. Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn lichamelijke en psychische beperkingen nog steeds tot (gedeeltelijke) arbeidsongeschiktheid leidden, onderbouwd met een psychologisch rapport.
De Raad oordeelde dat de medische grondslag van het besluit zorgvuldig was en dat het UWV de belastbaarheid niet had overschat. De psychische beperkingen, waaronder ADHD en een verslaving, werden erkend, maar de conclusies over werkhervatting en risico’s werden onvoldoende onderbouwd geacht. Ook de arbeidskundige onderbouwing was voldoende. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering van appellant.