ECLI:NL:CRVB:2010:BL0861
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.J. Goorden
- A.A.H. Schifferstein
- M.C.M. van Laar
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering Wajong-uitkering wegens onjuiste medische grondslag
Appellant, geboren in 1965, vroeg een Wajong-uitkering aan op grond van arbeidsongeschiktheid sinds 1 januari 1993. Het UWV weigerde dit op basis van een medische beoordeling die stelde dat appellant minder dan 25% arbeidsongeschikt was. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en vond de medische onderbouwing deugdelijk.
In hoger beroep stelde appellant dat zijn psychische beperkingen niet volledig waren meegewogen. De Raad benoemde een onafhankelijke psychiater die concludeerde dat appellant meerdere psychiatrische stoornissen had, waaronder een obsessieve compulsieve persoonlijkheidsstoornis, die onvoldoende in de eerdere beoordeling waren meegenomen. Zowel de deskundige als een bedrijfsarts waren van mening dat de interne beperkingen onvoldoende waren erkend.
De Raad oordeelde dat het bestreden besluit op een onjuiste medische grondslag berustte, omdat de bezwaarverzekeringsarts alleen externe beperkingen in aanmerking had genomen. Het besluit en de aangevallen uitspraak werden vernietigd en het UWV werd opgedragen een nieuw besluit te nemen. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.