ECLI:NL:CRVB:2010:BL0863
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.J. Goorden
- A.A.H. Schifferstein
- M.C.M. van Laar
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geen recht op ziekengeld wegens arbeidsgeschiktheid volgens WAO-beoordeling
Appellante was werkzaam als receptioniste/telefoniste en viel in 1999 uit wegens psychische en lichamelijke klachten. Zij ontving een WAO-uitkering met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80-100%. Na een ziekmelding in 2006 en een hersteldverklaring voor een productiemedewerkerfunctie werd het recht op ziekengeld ingetrokken.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarbij zij het oordeel van de bezwaarverzekeringsarts volgde dat appellante geschikt was voor passende arbeid. Appellante voerde in hoger beroep toegenomen beperkingen aan, maar leverde geen nieuwe medische informatie die het oordeel zou ondermijnen.
De Raad overwoog dat het recht op ziekengeld volgens de Ziektewet geldt voor de laatst verrichte arbeid, maar bij langdurige arbeidsongeschiktheid wordt uitgegaan van gangbare arbeid zoals bij WAO-beoordeling. De bezwaarverzekeringsarts concludeerde dat appellante geschikt was voor de functie van productiemedewerker textiel. De Raad bevestigde het bestreden besluit en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante geen recht meer heeft op ziekengeld omdat zij geschikt is voor passende arbeid volgens de WAO-beoordeling.