ECLI:NL:CRVB:2010:BL1613
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet ongegrond wegens niet tijdig ingediend beroepschrift in sociale zekerheidszaak
Appellant heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Pensioen- en Uitkeringsraad, maar het beroepschrift werd niet tijdig ingediend. De Raad heeft het beroep daarom niet-ontvankelijk verklaard. Appellant heeft hiertegen verzet aangetekend en aangevoerd dat hij door zijn deelname aan de Wet schuldsanering natuurlijke personen en zijn oorlogsverleden niet in staat was tijdig te reageren.
Tijdens de zitting op 9 december 2009 is vastgesteld dat het beroepschrift pas op 11 februari 2009 werd ingediend, terwijl de uiterste datum 4 februari 2009 was. De Raad oordeelt dat de vertraging door de bewindvoerder niet langer dan zes weken mag duren en dat de psychische gesteldheid van appellant onvoldoende is onderbouwd om het verzuim te rechtvaardigen.
De Raad ziet ook geen reden waarom het op 11 februari wel mogelijk was een beroepschrift in te dienen en niet op 4 februari. Het verzet wordt daarom ongegrond verklaard. Er wordt geen veroordeling in de kosten van het verzet uitgesproken. Tevens is vermeld dat een verzoek tot terugkomen van het besluit door de advocaat van appellant is gedaan, maar dit raakt niet aan de huidige uitspraak.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard wegens niet tijdige indiening van het beroepschrift.