ECLI:NL:CRVB:2010:BL1761
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- J. Brand
- B.J. van der Net
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen UWV-besluit over arbeidsongeschiktheid en WIA-uitkering
Appellante had bezwaar gemaakt tegen het UWV-besluit waarin werd vastgesteld dat zij geen recht had op een WIA-uitkering. Na bezwaar stelde het UWV dat zij voor 35 tot 80% arbeidsongeschikt was en recht had op een WGA-uitkering. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante gegrond en vernietigde het besluit.
In hoger beroep betoogde appellante dat er onduidelijkheid bestond over de neurologische oorzaak van haar klachten aan de rechterarm en verzocht zij om nader onderzoek. Het UWV stelde dat de klachten niet medisch te objectiveren waren. De Raad overwoog dat de klachten mogelijk door psychosociale factoren werden veroorzaakt en dat het medisch onderzoek geen objectiveerbare oorzaak had gevonden.
De Raad vond geen aanwijzingen dat de bezwaarverzekeringsarts geen volledig beeld had van de gezondheidssituatie van appellante. De bezwaararbeidsdeskundige had op basis van de beperkingen passende functies beschreven. Het beroep van appellante tegen het UWV-besluit werd daarom ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen het UWV-besluit is ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd.