ECLI:NL:CRVB:2010:BL2121
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzet gegrond wegens overmacht bij niet tijdige betaling griffierecht in hoger beroep
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Utrecht, maar het hoger beroep werd niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig betalen van het griffierecht. Tegen deze beslissing werd verzet ingesteld door de gemachtigde van appellant, mr. Demirtas.
Mr. Demirtas voerde aan dat hij door ernstige en acute medische klachten, die opname noodzakelijk maakten, niet in staat was om binnen de gestelde termijn het griffierecht te voldoen en ook geen vervanger kon inschakelen. Medische stukken werden overgelegd ter onderbouwing van dit verweer.
De Raad heeft op basis van de beschikbare gegevens geoordeeld dat sprake was van overmacht, waardoor het niet tijdig voldoen van het griffierecht niet aan appellant kan worden toegerekend. Het verzet werd daarom gegrond verklaard, de eerdere beslissing vervalt en het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond. Aan appellant wordt een nieuwe termijn gegund om het griffierecht te voldoen.
Uitkomst: Het verzet is gegrond verklaard wegens overmacht, waardoor het onderzoek wordt voortgezet en een nieuwe termijn voor betaling griffierecht wordt gegeven.