ECLI:NL:CRVB:2010:BL4193
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- H.J. Simon
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na medische herbeoordeling
Appellante, die sinds 2001 een WAO-uitkering ontving wegens arbeidsongeschiktheid na een verkeersongeval, verhuisde eind 2004 naar Duitsland. Naar aanleiding van een herbeoordeling door de Deutsche Rentenversicherung Rheinland en het UWV werd haar uitkering in december 2006 ingetrokken wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%.
Appellante maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het bezwaar werd in april 2007 gehandhaafd. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond. In hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep werd overwogen dat de rechtbank haar oordeel uitgebreid en gemotiveerd had gegeven, zowel over de medische situatie als de geschiktheid van de aan appellante voorgehouden functies.
De Raad zag geen aanleiding om te twijfelen aan de medische grondslag van het besluit, mede omdat de onderzoeken door een neuroloog-psychiater en een bezwaarverzekeringsarts geen afwijkingen vaststelden, afgezien van door appellante gemelde drukpijn. Het voorgestelde nader onderzoek betrof een arbeidsexploratie, waaraan volgens vaste jurisprudentie beperkte betekenis toekomt. De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het UWV tot intrekking van de WAO-uitkering.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering van appellante wordt bevestigd.