ECLI:NL:CRVB:2010:BL5423
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- J.N.A. Bootsma
- C.G. Kasdorp
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing vordering wegens foutieve valutamelding in IOAW-uitkeringsbesluit
Appellanten hebben hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Middelburg die hun bezwaar tegen de afwijzing van een vordering tot betaling van een vermeend te hoog toegekende IOAW-uitkering ongegrond verklaarde. De vordering betrof een bedrag van € 91.555,80, gebaseerd op het verschil tussen het in het besluit van 8 mei 2002 genoemde bedrag in euro's en de feitelijk ontvangen uitkering.
De Raad stelt vast dat in het besluit van 8 mei 2002 per abuis een bedrag in euro's was vermeld in plaats van in guldens, hetgeen voor appellanten redelijkerwijs duidelijk had kunnen zijn. Appellanten hebben hun bezwaren tegen deze afwijzing ter zitting laten vallen. De Raad bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank.
Daarnaast kan de Raad zich niet uitspreken over een nieuwe vordering van appellanten betreffende een resterend verschil in guldens, omdat dit niet in de oorspronkelijke aanvraag was opgenomen en het College hierover geen oordeel heeft kunnen vormen. Ook eerdere kwesties over nabetalingen en uitkeringsnormen die in andere procedures zijn behandeld, worden niet in deze zaak beoordeeld.
De Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten en doet uitspraak in het openbaar op 16 februari 2010.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de vordering wegens een foutieve valutamelding in het IOAW-uitkeringsbesluit.