ECLI:NL:CRVB:2010:BL7705
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks functiewijziging van gezinsvoogd naar jurist
Appellant maakte bezwaar tegen de herziening van zijn WAO-uitkering waarbij het UWV de mate van arbeidsongeschiktheid verlaagde en als maatman de functie van gezinsvoogd hanteerde, die hij bekleedde ten tijde van het intreden van zijn arbeidsongeschiktheid.
De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond en oordeelde dat de hogere verdiensten als jurist niet als maatstaf konden gelden omdat dit een reguliere promotie betrof en geen nieuwe bekwaamheden na arbeidsongeschiktheid. Appellant voerde in hoger beroep aan dat de hogere verdiensten als maatman moesten gelden vanwege functiewijziging.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef de motivering van de rechtbank en bevestigde dat het UWV terecht de functie van gezinsvoogd als maatman hanteerde. Er was geen sprake van nieuwe bekwaamheden na het intreden van arbeidsongeschiktheid en de functiewijziging was een reguliere promotie, waardoor de hogere verdiensten niet relevant waren voor de herziening van de WAO-uitkering.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het UWV terecht de functie van gezinsvoogd als maatman hanteerde bij de herziening van de WAO-uitkering.