ECLI:NL:CRVB:2010:BL8054
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring wegens te late betaling griffierecht ongegrond verklaard
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam waarin haar beroep niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het ontbreken van procesbelang. De Raad van Beroep verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk omdat het griffierecht niet tijdig was betaald. Appellante deed verzet tegen deze beslissing en voerde medische omstandigheden en problemen met een buitenlandse bank aan als verzachtende omstandigheden voor de te late betaling.
De Raad oordeelde dat deze omstandigheden onvoldoende zijn om de termijnoverschrijding te verontschuldigen. Het verzet werd daarom ongegrond verklaard. Wel zal het te laat betaalde griffierecht van €107,- worden terugbetaald aan appellante. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
De Raad wees appellante er verder op dat zij tegen een negatieve beslissing van de Sociale verzekeringsbank omtrent haar verzoek tot toelating tot de vrijwillige verzekering AOW/ANW bezwaar kan maken en daarna beroep kan instellen, zodat zij alsnog een rechterlijk oordeel kan verkrijgen over haar aanspraak.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring wegens te late betaling van het griffierecht wordt ongegrond verklaard.