ECLI:NL:CRVB:2010:BL8847
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- C.P.J. Goorden
- B.W.N. de Waard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking ziekengeld wegens herstel arbeidsongeschiktheid
Appellant, werkzaam als elektrotechnicus, meldde zich ziek per 6 augustus 2007 wegens vermoeidheidsklachten en ontving daarop ziekengeld. Op 9 oktober 2007 werd hem meegedeeld dat het ziekengeld per 10 oktober 2007 werd stopgezet omdat hij niet langer arbeidsongeschikt werd geacht.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar dit werd ongegrond verklaard. De rechtbank Rotterdam bevestigde dit oordeel en vond geen aanleiding om het medisch oordeel te betwijfelen. De eigen medische opvatting van appellant was niet onderbouwd met concrete objectieve gegevens.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde vervolgens de uitspraak van de rechtbank. Uit het medisch dossier bleek dat appellant twee keer door een verzekeringsarts was onderzocht en dat zijn toestand was verbeterd. Specialistisch onderzoek toonde geen objectieve afwijkingen die arbeidsongeschiktheid rechtvaardigen.
De Raad vond de medische conclusies voldoende onderbouwd en zag geen reden om het besluit te vernietigen. Er werden geen proceskosten toegewezen. De uitspraak werd op 24 maart 2010 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: De intrekking van het ziekengeld wordt bevestigd omdat appellant niet langer arbeidsongeschikt is volgens medisch onderzoek.