ECLI:NL:CRVB:2010:BL9455
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- H.C.P. Venema
- M.I. ’t Hooft
- Rechtspraak.nl
Toekenning van extra hulp bij het huishouden wegens medische noodzaak voor maaltijdbereiding
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Sittard-Geleen, waarbij haar op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) hulp bij het huishouden plus werd toegekend voor 6 uur en 15 minuten per week, inclusief slechts 30 minuten per week voor de bereiding van warme maaltijden.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellante in hoger beroep ging. De kern van het geschil was of er een medische noodzaak bestond voor meer tijd voor de maaltijdbereiding. Het College stelde dat appellante gebruik kon maken van kant-en-klaarmaaltijden van Apetito, terwijl appellante stelde dat zij deze niet kon verdragen vanwege haar gezondheid.
De Raad hechtte doorslaggevende waarde aan de medische verklaring van de behandelend chirurg, die stelde dat appellante fysiek niet in staat is kant-en-klaarmaaltijden te gebruiken en dat zij adequaat gevoed moet worden met ondersteuning bij het bereiden van maaltijden thuis. Deze verklaring werd ondersteund door de huisarts en weerlegde het standpunt van de CIZ-arts.
De Raad oordeelde dat het bestreden besluit ondeugdelijk was gemotiveerd en vernietigde het. Gezien de urgentie en leeftijd van appellante besloot de Raad zelf in de zaak te voorzien en verhoogde de indicatie voor hulp bij het huishouden plus naar 9 uur en 15 minuten per week. Tevens werd het College veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: De Raad kent appellante hulp bij het huishouden plus toe voor 9 uur en 15 minuten per week wegens medische noodzaak.