ECLI:NL:CRVB:2010:BL9956
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks medische bezwaren appellant
Appellant ontving sinds 1993 een WAO-uitkering die het UWV in 2007 herzag en vaststelde op een arbeidsongeschiktheid van 45-55%. Het bezwaar van appellant leidde tot een gedeeltelijke aanpassing van de vaststelling, maar de rechtbank vernietigde het besluit omdat de medische geschiktheid van functies niet voldoende was toegelicht.
In hoger beroep stelde appellant dat de rechtbank de medische gegevens van zijn cardioloog onjuist had geïnterpreteerd en dat hij niet bij draaiende machines kan werken. Hij overhandigde brieven van zijn behandelend cardioloog ter onderbouwing.
De Raad oordeelde dat deze nieuwe gegevens geen aanleiding geven het oordeel van de rechtbank te wijzigen. De medische gegevens tonen geen zwaardere beperkingen dan door het UWV vastgesteld. De beperkingen zijn adequaat verwerkt in de Functionele Mogelijkheden Lijst, en de appellant is passend geacht voor functies zonder gevaarlijke omstandigheden.
Het hoger beroep wordt daarom verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het vernietigen van het UWV-besluit en wijst het hoger beroep van appellant af.